vrijdag 18 juni 2010

Colombia gevaarlijk?!

Helemaal niet!

Na 6 weken rondtoeren in Colombia kunnen we wel stellen dat Colombia’s imago als zijnde een gevaarlijk drugsland, verre van juist is! Integendeel zelfs, wij voelden ons vanaf dag één heel gerust, ook als we ’s avonds nog over de straten slenterden. We dachten in het begin nog, dat het misschien slechts in enkele streken zo rustig en vreedzaam was, maar na een maand en half reizen en zowel kleine dorpjes als grote drukke steden bezocht te hebben, zijn we er nu wel van overtuigd dat dit land super veilig is voor zowel zijn inwoners als voor toeristen. We zijn dan ook nog geen enkele andere reiziger tegengekomen die negatieve verhalen kan vertellen over dit prachtige gedeelte van Latijns Amerika. De Colombianen vinden het zelfs heel erg dat hun land word afgeschilderd als een gevaarlijk en corrupt land. Ze geven zelf heel sterk aan dat je best niet naar de Choco regio reist omdat daar minder overheidscontrole is en de Farc-troepen daar nog actief zijn. Maar van globale onrust en gevaar is in de rest van het land geen sprake!

In de meer toeristische plaatsjes durven de mannen nogal eens fluiten en wordt je om de haverklap aangesproken met “Linda” of “chica bella” ( = knappe meid of mooi meisje), maar als je vriendelijk terug groet of lacherig terug fluit, laten ze je verder met rust. Ondertussen zijn we er ook achter dat wanneer de cafébaas of winkelier je aanspreekt met “mi amor” (= mijn liefste) of “mi niňa” (mijn kind), dat helemaal niet seksueel bedoeld is, maar eerder een vriendelijke en beleefde groet is. Kortom de mensen zijn overal super behulpzaam en lief, nooit verlegen om een gezellige babbel. Wanneer je op straat aan één persoon de weg vraagt, staan er gegarandeerd plots drie mensen rondom je om je de mooiste, kortste of leukste route aan te geven. Als je niet oppast wordt je zelfs de rest van de weg vergezeld door een aardige oude man, een toffe knul of een vriendelijk dame!

Wij stonden vooral versteld van hoe enorm modern dit land vaak is! Een sterk netwerk van openbaar vervoer, met mooie, comfortabele airco-bussen, gloednieuwe metro’s in de grotere steden of kleurrijke kabelliften in de kleinere stadjes, tonen dit duidelijk. Felgekleurde huisjes in de gezellige dorpskernen en prachtige hacienda’s in de bergen of aan het strand geven aan dat de meeste mensen hier niets tekort komen. Deze moderniteit maakt de contrasten hier enorm; grote jeeps die geparkeerd staan naast armoedige huisjes, een opgesmukte dame met een geurende parfum, die zich op hoge hakken een weg baant over een modderig paadje; Een feeëriek dorpje, waar niets dan mooie witte stenen gebouwtjes te vinden zijn, op tien kilometer van een armoedig plaatsje in de jungle, waar de huizen de helft kleiner zijn en voornamelijk uit houten latten bestaan; of een voornamelijk blanke bevolking in de ene streek en een uurtje verder richting kust vind je plots enkel zwarte mensen. Enkele crackhoertjes en straatventers geven aan dat er hier en daar toch nog wel de nodige problemen zijn. Maar is er ooit al iemand door Brussel gewandeld zonder aan het station een bedelaar of dakloze tegen te komen?

Valt het op dat wij hier in Colombia een stukje van ons hart verloren zijn? En dat heeft dan nog niet veel te maken met het veiligheidsgevoel of de moderniteit van dit land, maar wel met de warme cultuur en de enorme diversiteit die deze plaats natuurgewijs te bieden heeft. Jullie hebben al kunnen lezen en zien hoe we hier liggen te luieren op paradijselijke stranden, trektochten maken door de jungle, verkoeling zoeken in heldere rivieren, vertoeven in cactusrijk woestijngebied en op hoge kliffen aan zee genieten van de mooiste zonsondergangen. Afgelopen week hebben we aan dit lijstje nog enkele speciale en prachtige plaatsjes toegevoegd. Zo bezochten we onder andere een park vol prachtige orchideeën en trokken we naar het hoogste punt van Los Nevados, een bergketen met vulkanen en sinistere maanlandschappen. Op 5000 meter hoogte ging het wandelen net niet even vlotjes als anders maar het was zeker de moeite want plots stonden we met onze voeten in de sneeuw, terwijl het die ochtend nog heerlijk warm was waar we vertrokken waren! In Salento trokken we te paard door groene valleien omringd met beboste heuvels en doorspekt met kabbelende riviertjes. En in de Cocora Vallei stonden we versteld van de zestig meter hoge (!!!) waxpalmen die ons de weg wezen op onze lange wandeltocht! De rustgevende natuur, prachtige uitzichten over de valleien en heuvels die ons ‘finca’-hostal omringden zorgden er dan ook voor dat we enkele dagen langer dan gedacht in Salento bleven (of lag dat aan de heerlijke huisgemaakte chocoladetaart en de verse minipizza’s van’t huis!?).

Hasta luego!!!

zondag 6 juni 2010

Tayrona en Rio Claro; Twee paradijsjes op één week tijd!

Na enkele dagen koorts, drie uitgebreide bloedonderzoeken, zes verschillende doosjes medicijnen, vier bezoeken van de dokters en hun verplegerassistenten in ons hotel en zes dagen rusten, werd ik eindelijk genezen verklaard! Geen dengue of malaria te vinden in mijn bloed en dat betekende het startschot om de rest van Colombia te gaan ontdekken! We zijn de voorbije dagen méér dan royaal beloond voor die “verloren” week in Santa Marta. Zowel ‘Tayrona’, een nationaal park vlakbij Santa Marta, als het natuurpark ‘Rio Claro’, 18 uur het binnenland in, waren twee heel verschillende paradijselijke plekjes!!!

Tayrona was een wondermooi park aan de Caraïbische kust, waar wuivende palmbomen, sprankelend witte zandstranden en een helder blauwe zee ons verwelkomden! We kwamen wel enkele uren later aan dan voorzien omwille van een betoging, die een lange file veroorzaakte, en een versleten tourjeep, die de chauffeur niet steeds draaiende kon houden. Het grappige aan de zaak was dat die chauffeur, onze gids was van de trek naar Ciudad Perdida. Zelfs op reis kom je wel eens oude bekenden tegen! Aan de ingang van het park pikten we nog twee backpackers op die volledig onvoorbereid aan de trip begonnen. Zo hadden we daar zelf ook al eens gestaan en toen zij ons dan vroegen of ze met ons mochten meegaan, twijfelden we niet. Achteraf gezien was dat een slimme zet, want Dave en Jhon hadden enkele liters Colombiaanse rum bij om de avondjes wat gezelliger te maken!

Een smal paadje leidde ons doorheen het oerwoud en over grote rotsen tot aan de sprankelende zee en daarna over het witte strand tot bij onze eerste slaapplaats. De witte hangmatjes waren aan de kleine kant, maar na verschillende drankjes die avond, bij een hele hoop nieuwe kaartspelletjes, had niemand daar nog last van. Trouwens, lang was de nacht toch niet meer! De volgende dag besloten we met z’n vieren door te trekken naar ‘El Cabo’, een volgende kampplaats in het park. Een prachtige route door jungle, palmenbossen, over stand en door enkele riviertjes lag voor ons. Vijf minuten na het vertrek, moesten we de eerste rivier al oversteken. Twee andere wandelaars vertelden ons dat ze daar juist een krokodil hadden gezien en toen we dichterbij kwamen, sprong een locale man in het water en begon wild heen en weer te slaan met zijn machete! Enkele minuten later (en geen krokodil te zien) draaide de man zich om en knikte hij kort naar ons, ten teken dat het ‘veilig’ was. We zijn toch nog maar een stukje doorgelopen om aan de monding van de rivier door het heldere zeewater te waden, waar we de krokodillen ten minste van op afstand konden zien aankomen!

‘El Cabo’ was iets drukker, maar nog veel mooier dan de vorige kampplaats. We sliepen in grotere hangmatten bovenop een eilandje in zee! Overdag werd er gesnorkeld, kaartspelletjes gespeeld onder de palmbomen met naast ons een verse kokosnoot (jummy) en werden er siësta’s gehouden. Af en toe gingen we in het “restaurantje” een hapje eten of een doucheke nemen voor extra verkoeling (ja dat was echt nodig). Bij het avondeten kwam ook de rum weer op tafel te staan en begonnen de gezellige avonden, die werden afgesloten met een nachtelijke frisse duik in zee! Wauw, prachtig, mooi, show, chievere, geweldig… in één woord: hemels! Het enige nadeel waren de vele muggen en het ontbreken van muskietennetten. Hoewel we hier een supersonisch en natuurlijk antimuggen-middeltje uit Noorwegen hebben, dat veel beter werkt dan eender welke andere muggenspray (bedankt daarvoor meissies!!), konden we niet vermijden dat we zo’n 200 muggenbeten rijker waren toen we Tayrona verlieten!

Een klein bootje bracht ons weer terug naar Santa Marta. We wilden dezelfde dag nog de nachtbus naar Medellin te nemen, maar wegens de presidentsverkiezingen die dag, reden er geen lange afstandsbussen. Dat was een tegenvaller, want we hadden Santa Marta nu al wel gezien. We besloten (zoals altijd) om er het beste van te maken en een gezellig salsa barretje op te zoeken om nog een feestje te bouwen met ons twee, als afsluiter van de voorbije dagen. En toen kwamen we erachter dat er in Colombia geen alcohol mag geschonken worden op een verkiezingsdag! Alle bars waren toe en dus trokken we naar een kleine pizzeria in de hoop dat ze ons daar een verse fruitsap met ‘een extraatje’ in konden aanbieden. En ja hoor, even later kregen we, met een vette knipoog, een fruitsap/cocktail voorgeschoteld. Opvallend was dat er duidelijk nog enkele Colombiaanse klanten vroegen om een onopvallend biertje of iets straffers, maar geen van hen kreeg iets alcoholisch! Op dat moment dus een gelukske dat we ‘maar’ toeristen waren!

Nog meer geluk hadden we de volgende dag met de nachtbus… die bleek maar halfvol te zitten en dus konden we ons languit over enkele zetels uitstrekken om te slapen. Of toch om te proberen te slapen, want echt comfortabel was het niet bepaald met de luide Colombiaanse muziek die ze speelden en de honderden bochten die alles in de bus van links naar rechts en terug lieten schuiven. Zestien uur later kwamen we eindelijk aan in Medellin. We gingen op zoek naar meer informatie over Rio Claro en de Zona Cafeteria, maar werden van het ene bureautje naar het andere gestuurd zonder resultaat. Toerisme in Colombia staat echt nog in zijn kinderschoenen, dat werd hier weer maar eens duidelijk… We belandden enkele uren later uiteindelijk in een enorm groot gebouw, waar alle diensten van heel de provincie gevestigd waren. In een klein bureautje, kregen we van enkele verbaasde damentjes (tja wat wil je, wij stonden daar in onze shortjes en op slippers ongemakkelijk te staan) zeven verschillende brochures en mapjes over de regio toe gestoken. Het voelde een beetje alsof we een werkje moesten maken voor’t school. Toen we de gang inwandelde proestten we het uit van’t lachen… in wat een rare situatie waren we nu weer beland!!!

Na enkele uren gaven we onze zoektocht naar informatie op en besloten de volgende dag gewoon op goed geluk de bus naar Rio Claro te nemen… we zouden wel zien waar we uitkwamen. En onze goeie reisintuïtie liet ons niet in de steek!!! Na weer een lange busrit (jaja je moet er wat voor overhebben hoor), kwamen we aan in het overweldigend mooie natuurgebied van Rio Claro, waar we verbleven in een leuke hut in het midden van het woud, vlak naast de snel stromende rivier. We sliepen eigenlijk in openlucht want de kamers hadden geen buitenmuren; vanuit ons bed hadden we een schitterend uitzicht op de rivier en terwijl je een douche nam kon je de bomen afspeuren op zoek naar aapjes of luiaards! We waren aangekomen in het volgende paradijs!!!

Maar slapen in openlucht betekende natuurlijk ook dat alle dieren zomaar binnen konden komen. De volgende morgen deden we dan ook een nare ontdekking. Hoewel we ervoor gezorgd hadden dat we geen eten op onze kamer hadden liggen, hadden enkele ratten toch gaten in mijn rugzak gemaakt om te zien of er niets lekkers inzat! Na het ontbijt kregen we, zoals eerder afgesproken, lunchpakketjes gewikkeld in grote bladeren mee en vertrokken we met ons tweeën op een vier uur durende tocht door het woud. Men had ons gezegd dat de wandeling makkelijk zonder gids te doen was en dat het pad steeds vlak naast de rivier liep dus weg waren we! Na enkele kilometers echter, werd het pad steeds smaller en de jungle steeds dichter. Gelukkig wees de rivier ons de weg, want nog enkele kilometers verder was er geen sprake meer van een wandelpad! Plots stuitten we tegen hoge rotsen op en de enige manier om verder te gaan, was via de glibberige rotswand van de rivier. We besloten om het erop te wagen want de avonturier in ons kwam naar boven, en we klefferden voetje voor voetje verder. Even verderop hoorden we plots auto’s of vrachtwagens… of neen… het klonk nog anders… wat was dat in het midden van de jungle?!?! Plots stootten we op drie mannen met een kettingzaag! Haha, zij waren precies nog verbaasder om ons te zien dan wij hen! Wij besloten dat het tijd was om te lunchen en vroegen hen om een mooie plek om te eten. Ze vertelden ons dat we enkele meters verder de rivier moesten oversteken en dan nog een tiental meters verder zouden uitkomen op enkele grote rotsen aan de rivier waarop we konden pic-nicken. Eén van de mannen vergezelde ons tot aan de rivier en hakte met zijn machete onze weg vrij! De rivier leek vrij ondiep maar er stond wel een sterke stroming. We maakten ons geen zorgen want op de tocht van La Ciudad Perdida hadden we al zo vaak een rivier moeten oversteken en dus trokken we onze schoenen snel uit. Toen ik de rugzak terug op mijn rug hing en de rivier instapte, zei de man echter dat ik die rugzak beter boven mijn hoofd zou houden ipv op mijn rug! En amai, wat toen volgde was pas echt zot! Sjans dat wij allebei redelijk kunnen zwemmen, want al gauw stonden wij tot ons middel in een snel stromende rivier. De rugzak en onze schoenen geraakten droog aan de overkant en wij klopten elkaar tevreden op de schouders, we hadden het weer eens gehaald!

Aan de andere kant van de rivier stonden ons echter nog enkele pittige verrassingen te wachten! Toen we nog maar pas op de wandeling vertrokken waren, maakten we kennis met een eerste woudbewoner… Een knalgele, super lange slang lag vlak op ons pad een dutje te doen! We zagen elkaar op juist dezelfde moment denk ik… en schrokken alle drie even hard! Ik verstijfde, Ellen kneep in mijn schouder en zetten al enkele stappen terug en die slang… die kronkelde eerst een beetje in mijn richting en sprong toen in de lucht (vraag me niet hoe slangen kunnen springen maar deze deed dat gewoon!). Zowel Ellen als ik dachten dat ze mij ging aanvallen, maar ze was waarschijnlijk zo hard geschrokken van ons dat ze na haar salto direct het woud inschoot. Gelukkig! Toen we de rivier overgestoken waren, zag ik plots, zo’n halve meter voor mij, een kleinere bruin gevlekte slang opgerold op het pad liggen. Weer verstijfde ik en tegelijk zei ik tegen Ellen dat ze de kodak moest nemen. Na de foto vroegen we ons af wat we nu moesten doen, want die slang lag knal op onze weg. Met een stokje en wat rare geluiden jaagde we de tamme slang van ons pad en toen ze verdwenen was spurtten we er snel voorbij… ons luiddop afvragend hoeveel van die beesten we al wel niet voorbij gewandeld waren zonder we het wisten! Het “pad” waar we nu overliepen, was in een donkerder gedeelte van het woud. Die slang verbeterde de griezelige sfeer niet echt en slechts enkele meters verder kwam onze wandeling wel heel abrupt tot een einde. Een kleine meter voor mij zag ik plots de grootste en meest harige spin ever! Dat beest wandelde daar gewoon op zijn gemakje voor mijn voeten… mijn “gemak” was op één seconde verdwenen… ik voelde plots de aanwezigheid van al de familieleden van deze mega harige achtvoeter! Voor Ellen was het snel duidelijk dat we terug moesten en die vond dat, na mijn beschrijving van het lieve diertje, ook niet erg meer. Dus wij hups terug voorbij de bruine slangenplek gespurt, terug die rivier door en pas toen we bij de houthakkers aankwamen namen we even de tijd om bij te komen!! Haha, wat een avontuur! Toen we die mannen de foto van de slang lieten zien, schrokken zij wel even en vertelde ze ons dat dit kleinere slangetje (nog wel minstens een meter lang hoor) super gevaarlijk en giftig was en nog heel wat groter zou worden. Oeps… en wij dat ding weggejaagd met een stokje… slim slim!

Het bleef niet bij slangen en grote harige spinnenmormels (brr krijg nog steeds kippenvel als ik eraan terug denk)… toen we terug in onze “loft” waren, zag ik de bezoeker van de vorige nacht; ‘mister Rat’ door onze kamer schieten en even later tijdens het zwemmen zagen we een hele apenfamilie in de weer hoog boven ons in de bomen… maf maf maf!!! Natuurreservaat Rio Claro = superformitastisch!